Vervolg op mijn reactie op het statement van Job Cohen

Mijn fatsoen gebiedt me onderstaande weer te geven, daar weer onder nog een antwoord van mij.

Geachte heer/mevrouw Croiset,

Hartelijk dank voor uw bericht aan de PvdA over het interview van Job Cohen in Vrij Nederland. Verschillende media hebben uit dit interview geciteerd, en dan met name het deel waarin de heer Cohen opmerkingen plaatst over de sfeer in Nederland ten aanzien van moslims, maar het beeld dat hieruit ontstaat  is niet in lijn met de toon van Cohen in het interview zelf. De quote waarmee bijvoorbeeld De Telegraaf opent, is in heel het interview niet te vinden.

In het werkelijke interview legt Cohen uit dat zijn familieachtergrond ermee te maken kan hebben dat hij tegenwoordig zo hamert op erbij horen, meedoen en je veilig voelen, en dat het wegzetten van een hele bevolkingsgroep hem tegenwoordig zo aan het hart gaat. Enfin, ik zou u willen vragen onderstaande passage uit het interview in Vrij Nederland te lezen alvorens een oordeel te vellen over de huidige berichtgeving door andere media.

Passage Vrij Nederland:

U bent inmiddels 63. U hoeft niets meer te bewijzen. Met de gezondheid van uw vrouw gaat het steeds slechter. Waarom heeft u zich desondanks in zo?n ongewis politiek avontuur gestort?
?Over die vraag heb ik de laatste tijd nog eens goed nagedacht. Ik maak me al heel lang grote zorgen over de vervreemding in de samenleving. Een samenleving waar je als vreemden tegenover elkaar staat, is een heel slechte samenleving. En dat rxc3¡xc3¡kt me. Daarom wilde ik graag leider van de PvdA worden. Misschien heeft het ook te maken met mijn afkomst, met mijn verleden. Met mijn ouders die de oorlog overleefd hebben. Mijn moeder was erbij toen professor Cleveringa in 1940 aan de Universiteit van Leiden zijn beroemde rede hield tegen het ontslag van zijn Joodse collega?s. Ze was net weduwe geworden, haar eerste man had in de eerste oorlogsdagen zelfmoord gepleegd. Ze had zich altijd deel gevoeld van de samenleving, maar rond het uitbreken van de oorlog maakte ze mee hoe Joden langzamerhand werden buitengesloten. Wat mijn moeder me vertelde over die rede van Cleveringa, is me altijd bijgebleven. Ze zei: ?Toen ik hem hoorde spreken, had ik het gevoel: ik hoor er toch nog bij.? Kort daarop is mijn moeder ondergedoken. Na de oorlog had ze, net als mijn vader, de overtuiging: we moeten ervoor zorgen dat dit nooit meer gebeurt, we moeten werken aan een betere wereld. Daarom zijn dat voor mij zulke belangrijke woorden: erbij horen, meedoen, een plek hebben waar je veilig bent.?

Is dat de kern van uw overtuiging?
?Dat zou best eens kunnen. Ik denk dat het heel diep in me zit. Die vervreemding in de samenleving zie je nu ook weer. Dat vind ik verkeerd.?

Gebeurt nu weer wat in de jaren dertig gebeurde: dat mensen worden buitengesloten?
?Ja. Praat met de mensen en je hoort het. Ik heb als burgemeester van Amsterdam ook gezegd: ik wil de boel bij elkaar houden. Sindsdien is het alleen maar urgenter geworden. De PVV zegt gewoon tegen de moslims: we willen liever dat jullie weggaan. Maar je kunt dxc3xa9 islam niet de schuld geven van het extremisme. Er zijn zoveel moslims die gewoon huisje-boompje-beestje willen en niks anders. Die mensen worden er nu bang van dat Wilders deel uitmaakt van de macht.?

Wat stoort u het meest aan de PVV?
?Dat moslims worden buitengesloten. Dat gebeurt op twee manieren. Ze krijgen de schuld van het moslimextremisme, en ze krijgen er de schuld van dat een deel van de Marokkaanse jongens er zo?n zooi van maakt. Terwijl die jongens juist alles doen wat de islam verboden heeft: zuipen, stelen, blowen. Allerlei goede jongens van Marokkaanse komaf hebben het gevoel gekregen dat ze in Nederland niet meer thuishoren. Dat is iets wat me echt tegen de borst stuit.?

Einde citaat.

hoop u hiermee voldoende te hebben gexc3xafnformeerd en ik dank u hartelijk voor uw betrokkenheid.

Met vriendelijke groet,

Afdeling Voorlichting PvdA
Plein 2 | Postbus 20018 | 2500 EA Den Haag
Partij van de Arbeid | http://www.pvda.nl

Aan de publieksvoorlichter van de Pv.d.A.
  
Kennis genomen van bovenstaande, vind ik het antwoord toch NIET bevredigend.
Wel de basis, die er aan ten grondslag ligt, maar dan gaat het toch overr de jaren veertig en niet dertig.
Ik blijf van mening dat dhr Cohen doorschiet en het tegenovergestelde bereikt van wat hij beoogt, vandaar dat ik graag de discussie met hem zelf was aangegaan.
Wat begrijpelijkerwijze niet kan, door het grote aantal reacties.
De actie van  professor Cleveringa is mij bekend , maar was wel in de jaren veertig onder de Duitse bezetting!'
xc3x89xc3xa9n jaar ouder dan de heer Cohen zijn dergelijke dingen me met de paplepel ingegoten.
Bovendien zal ik de Telegraaf nooit lezen, ik heb dit statement met mijn eigen oren op de radio gehoord!
Nogmaals ik twijfel niet aan de oprechte goede bedoelingen van de heer Cohen, maar het wordt toch niet handig aangepakt.
En laat ik duidelijk zijn, mijn afschuw van de PVV is groot vandaar , dat het van het hoogste belang is, dat dhr Cohen contact houdt/ gehoor vindt bij zijn achterban en zoals uit de peilingen blijft gaat dat niet goed.
Prettig zou zijn als de heer Cohen toch kennis zou nemen van mijn brieven.
Met Vriendelijke groet.
Manja Croiset
 

Advertenties

Vervolg op mijn reactie op het statement van Job Cohen

Mijn fatsoen gebiedt me onderstaande weer te geven, daar weer onder nog een antwoord van mij.

Geachte heer/mevrouw Croiset,

Hartelijk dank voor uw bericht aan de PvdA over het interview van Job Cohen in Vrij Nederland. Verschillende media hebben uit dit interview geciteerd, en dan met name het deel waarin de heer Cohen opmerkingen plaatst over de sfeer in Nederland ten aanzien van moslims, maar het beeld dat hieruit ontstaat  is niet in lijn met de toon van Cohen in het interview zelf. De quote waarmee bijvoorbeeld De Telegraaf opent, is in heel het interview niet te vinden.

In het werkelijke interview legt Cohen uit dat zijn familieachtergrond ermee te maken kan hebben dat hij tegenwoordig zo hamert op erbij horen, meedoen en je veilig voelen, en dat het wegzetten van een hele bevolkingsgroep hem tegenwoordig zo aan het hart gaat. Enfin, ik zou u willen vragen onderstaande passage uit het interview in Vrij Nederland te lezen alvorens een oordeel te vellen over de huidige berichtgeving door andere media.

Passage Vrij Nederland:

U bent inmiddels 63. U hoeft niets meer te bewijzen. Met de gezondheid van uw vrouw gaat het steeds slechter. Waarom heeft u zich desondanks in zo?n ongewis politiek avontuur gestort?
?Over die vraag heb ik de laatste tijd nog eens goed nagedacht. Ik maak me al heel lang grote zorgen over de vervreemding in de samenleving. Een samenleving waar je als vreemden tegenover elkaar staat, is een heel slechte samenleving. En dat ráákt me. Daarom wilde ik graag leider van de PvdA worden. Misschien heeft het ook te maken met mijn afkomst, met mijn verleden. Met mijn ouders die de oorlog overleefd hebben. Mijn moeder was erbij toen professor Cleveringa in 1940 aan de Universiteit van Leiden zijn beroemde rede hield tegen het ontslag van zijn Joodse collega?s. Ze was net weduwe geworden, haar eerste man had in de eerste oorlogsdagen zelfmoord gepleegd. Ze had zich altijd deel gevoeld van de samenleving, maar rond het uitbreken van de oorlog maakte ze mee hoe Joden langzamerhand werden buitengesloten. Wat mijn moeder me vertelde over die rede van Cleveringa, is me altijd bijgebleven. Ze zei: ?Toen ik hem hoorde spreken, had ik het gevoel: ik hoor er toch nog bij.? Kort daarop is mijn moeder ondergedoken. Na de oorlog had ze, net als mijn vader, de overtuiging: we moeten ervoor zorgen dat dit nooit meer gebeurt, we moeten werken aan een betere wereld. Daarom zijn dat voor mij zulke belangrijke woorden: erbij horen, meedoen, een plek hebben waar je veilig bent.?

Is dat de kern van uw overtuiging?
?Dat zou best eens kunnen. Ik denk dat het heel diep in me zit. Die vervreemding in de samenleving zie je nu ook weer. Dat vind ik verkeerd.?

Gebeurt nu weer wat in de jaren dertig gebeurde: dat mensen worden buitengesloten?
?Ja. Praat met de mensen en je hoort het. Ik heb als burgemeester van Amsterdam ook gezegd: ik wil de boel bij elkaar houden. Sindsdien is het alleen maar urgenter geworden. De PVV zegt gewoon tegen de moslims: we willen liever dat jullie weggaan. Maar je kunt dé islam niet de schuld geven van het extremisme. Er zijn zoveel moslims die gewoon huisje-boompje-beestje willen en niks anders. Die mensen worden er nu bang van dat Wilders deel uitmaakt van de macht.?

Wat stoort u het meest aan de PVV?
?Dat moslims worden buitengesloten. Dat gebeurt op twee manieren. Ze krijgen de schuld van het moslimextremisme, en ze krijgen er de schuld van dat een deel van de Marokkaanse jongens er zo?n zooi van maakt. Terwijl die jongens juist alles doen wat de islam verboden heeft: zuipen, stelen, blowen. Allerlei goede jongens van Marokkaanse komaf hebben het gevoel gekregen dat ze in Nederland niet meer thuishoren. Dat is iets wat me echt tegen de borst stuit.?

Einde citaat.

hoop u hiermee voldoende te hebben gexefnformeerd en ik dank u hartelijk voor uw betrokkenheid.

Met vriendelijke groet,

Afdeling Voorlichting PvdA
Plein 2 | Postbus 20018 | 2500 EA Den Haag
Partij van de Arbeid | http://www.pvda.nl

Aan de publieksvoorlichter van de Pv.d.A.
  
Kennis genomen van bovenstaande, vind ik het antwoord toch NIET bevredigend.
Wel de basis, die er aan ten grondslag ligt, maar dan gaat het toch overr de jaren veertig en niet dertig.
Ik blijf van mening dat dhr Cohen doorschiet en het tegenovergestelde bereikt van wat hij beoogt, vandaar dat ik graag de discussie met hem zelf was aangegaan.
Wat begrijpelijkerwijze niet kan, door het grote aantal reacties.
De actie van  professor Cleveringa is mij bekend , maar was wel in de jaren veertig onder de Duitse bezetting!'
xc9én jaar ouder dan de heer Cohen zijn dergelijke dingen me met de paplepel ingegoten.
Bovendien zal ik de Telegraaf nooit lezen, ik heb dit statement met mijn eigen oren op de radio gehoord!
Nogmaals ik twijfel niet aan de oprechte goede bedoelingen van de heer Cohen, maar het wordt toch niet handig aangepakt.
En laat ik duidelijk zijn, mijn afschuw van de PVV is groot vandaar , dat het van het hoogste belang is, dat dhr Cohen contact houdt/ gehoor vindt bij zijn achterban en zoals uit de peilingen blijft gaat dat niet goed.
Prettig zou zijn als de heer Cohen toch kennis zou nemen van mijn brieven.
Met Vriendelijke groet.
Manja Croiset