In de Hoofdrol MANJA CROISET uit de schaduw van de grote namen?

IN DE HOOFDROL! (iets anders dan een koprol), à la Paulien Cornelisse, ( vreselijke zin) taal is echte MIJN DING!
Via verschillende kanalen bereikt me de vraag of het niet raar is jezelf te zien en anderen over mij. Totaal niet, wel emotioneel.
Maar in deze tijd van video ( al bij de 50e trouwdag van mijn ouders 1990) en dergelijke en mijn YT’s en opnames in de bibliotheek en tijdens de boekpresentatie, is dat heel gewoon.
Plus ik “stond” eerder in de Kleine Komedie dan bv Youp van ’t Hek. Eindejaarsvoorstellingen balletles van de beroemde Nel Roos.
Opgegroeid in de theaterwereld, maar toen toeschouwer, nu helaas NIET OOK toeschouwer, als de film daadwerkelijk op het IDFA komt, dan thuis in bed. Ik wou deelnemer zijn, misschien ga/ben ik het geworden, maar ben niet tevens toeschouwer! Daarna als alles doorgaat, vast op tv. Geen punt aan schaamte voorbij, maar wel wat lastig, hier om me heen in de buurt “de gek” en niet van Gogol.
Eerder nog op lagereschool op het polygoonjournaal, ballet voor de Unicef. Opgenomen jaarbeurshallen in Utrecht Trix toen NOG prinses en nu weer. Wij maakten als kleine ballerina’s natuurlijk geen buiging, maar een “Révèrence”! Vond ik dat interessant voor de kroonprinses? Wel nee, toen al niet, alleen diep teleurgesteld dat Danny Kaye er niet was zoals beloofd. ( ze was ook een pronte boerendeerne.) Dus compleet nieuw, nee! Maar wel in de hoofdrol, die ik trouwens op ballet ook wel had.
Maar dat is iets van andere aard, via dans of muziek of toneel iets vertolken, dat door een ander is bedacht. Dit gaat over mij. Geen speelfilm, maar een documentaire. Un document HUMAIN!
Over de Kleine Komedie ook eerder dan Joost Nuisl, die daar zijn carrière begon, een klasgenoot op het Barlaeus samen met hem en iemand, die ik hier weer op facebook ontmoette, (dag Alexandra) en Ernst Wesselius, een schooltoneelstukje ook repetities bij ons thuis, achter het Barlaeus. En bij Alexandra thuis de uitvoering ( nou thuis. Woonhuis PC Hooftstraat en de danszaal van haar ouders daarachter tussen PC en de Vossiusstraat), waar ik daarna niet veel later bij een psychiater zou komen. Ach, het gevoel en toch. Het is geen theater, maar een droevig verhaal over mijn leven. Als hij het IDFA haalt, dan spreekt dat voor zich!
Ja het is bijzonder, maar eerst zien dan geloven!
Nee, ik ga niet vragen of ik de titel noemen mag, annoying voor de cineast, al veel te loslippig, misschien wel contraproductief, nu het nog steeds officieus is!
Dan beweer ik niet geleefd te hebben, niet compleet waar, blijkt nu!
Ik heb wel zelf al een hele mooie dvd in officiele hoes! Uit de schaduw van de grote namen? dat hoop ik, een kroon zou het zijn in een tot op heden mislukte levenslange strijd. Geen ROEM , MAAR ERKENNING OP VELE FRONTEN!

De lotgevallen ( en ik val nogal eens)! van een chronische zieke en hoe gelukkig “kleine” dingen maken!!

DE LOTGEVALLEN ( en ik val nog al eens ) en HOE GELUK IN KLEINE DINGEN ZIT!
Gisteren de hele dag niet aangekleed, hoe diep kunnen dalen zijn! De start vandaag ook niets (de beauty 14 en ik kan er niet meer heen) en toen…. ( wel alweer over), kwam een oud “hulp”, van wie ik zielsveel houd ( n behalve de voornoemde nicht en het hele gezin), kwam ik voor het eerst na de dood van mijn ouders weer thuis. Ik was ook op. De huisarts, die me een broodnodige injectie kwam geven, (kwam het ook door voorheen assistentes, ook tijdelijk een verpleegkundige), ze jaste hem er professioneel in, geen enkel probleem ook niet langzaam toegediend! (geen angst voor naalden, maar de vloeistof steeds allergischer) geen centje pijn. Ja pijn, dat bedoel ik niet en ik was op aarde geland. Bedankt ‘prinses’. Maar iedereen, maar werkelijk iedereen, is van de zomer tegelijk weg.
Wel komt mijn briljantje een andere oud gediende van de zomer invallen.

Badhuisweg boek Hans Croiset (en een kinderherinnering van Manja Croiset)

JAREN VEERTIG

in Scheveningen op de Badhuisweg
een halfduistere kamer
zware donkerrode fluwelen gordijnen
grote fauteuils oom Max zit er in één
pappa aan de andere kant van het kleed
Max plaagt het kindje kruipt naar de pappa

De bovenstaande tekst staat in “mijn leven achter onzichtbare tralies”. Zo zullen we er wel over in gesprek zijn geraakt! ( zie onder!)

Een paar jaar geleden, heb ik het hierover in het gezelschap van mijn vader en mijn neef Hans, die het boek met die titel heeft geschreven. Hij woonde daar! Hij zei: ze waren niet rood, maar bruin. Mijn vader staaft mijn zo jonge waarneming!

De drie giechelende nichtjes in zijn boek, zijn mijn zusjes en ik. De drie gratiën!

Drie zusjes op lijnbaansgr.
ook nog in mamma’s handschrift!

IN TONEELTERMINOLOGIE DE DRIE GEZUSTERS van Anton Tsjechow.