Natuur/ woorden.

Bij het nieuws. Het is zwammentijd. Ik houd niet van “zwammen”. Mag het ergens over gaan AUB?
Misschien wonen ze in ZWAMMERDAM!
IN AMSTERDAM NOEMDEN WE DAT GEWOON OUWHOEREN!

Advertenties

ONDER PROFESSOREN EN NIET VAN W.F. HERMANS, MAAR MANJA CROISET

Anecdote

Bij een gelegenheid, (niet nader te benoemen), in de aanwezigheid van drie artsen en twee psychologen, waaronder twee professoren plus een psycholoog en een psychiater, beide zonen van professoren….

Op een gegeven moment wordt aan een vrouw van een ander echelon gevraagd: “Mientje” wil je thee zetten?

Ze is de kamer uit en ik vraag: “Heet ze echt Mientje?” Antwoord niet van haar superieur, maar van een andere arts: “Sommige Mientjes heten echt Mientje.” Ondanks dat de bijeenkomst verre van aangenaam was,eufemisme”, schiet ik in de lach en betrap het gezelschap op pejorativiteit.

De behandelkamer was buitengewoon klein. Een niet in gebruik zijnde ruimte- zeg maar engte-, in een vleugel van een bejaardentehuis. Ik zeg geschokt: “Moeten mensen zo leven?” Een psychiater antwoordt: “oude mensen hebben niet veel ruimte nodig”. Ik repliceer met: “behalve als je Drooglever-Fortuijn heet, dan woon je in een ‘stulpje’ waar voorheen een HELE kolonie gevestigd was.” Er valt een stilte.

Een paar dagen later zegt de psycholoog tegen mij: Hal en jij gaan helemaal niet met elkaar om zoals hoort in een arts patiënt relatie!
Laten we maar niet vertellen, wat de psycholoog allemaal gedaan heeft, wat niet in de boekjes staat. Maar beiden hebben voor me gevochten, ook al heeft het niet mogen baten.